Afbeelding van Exoten en verwilderde dieren
 

Exoten en verwilderde dieren

 
Het is niet verboden exoten en verwilderde dieren te doden of om hun nesten of holen te verstoren. Om de stand van deze dieren effectief met het geweer of kastval en vangkooi te kunnen beperken, is wel een opdracht van Gedeputeerde Staten (GS) ex artikel 3.18 Wet natuurbescherming nodig. Onder de Flora- en faunawet, de voorganger van de Wet natuurbescherming, konden GS een aanwijzing geven ter beperking van de stand. In 2012 hebben GS een aanwijzingsbesluit genomen voor exoten en verwilderde dieren. Dit besluit is in 2015 gewijzigd door middel van een aanvullend besluit. Beide besluiten blijven geldig onder de Wet natuurbescherming (die op 1 januari 2017 de Flora- en faunawet heeft vervangen).
Jachthouders voor hun eigen jachtveld alsmede personen zoals bedoeld in 36 lid 1 en 36 lid 2 van de Flora- en faunawet en;
Jachtaktehouders met toestemming van de grondgebruiker voor die gronden waarop het jachtrecht niet is verhuurd aan een jachtaktehouder, kunnen op grond van deze aanwijzing de stand van de volgende dieren beperken:

beverrat, Indische gans, marterhond, muskusrat, nijlgans, rosse stekelstaart, gedomesticeerde rotsduif, gedomesticeerde grauwe gans (soepgans of boerengans), verwilderde kat (alleen door middel van kastval en vangkooi), Amerikaanse nerts en wasbeer.
In 2015 is met een aanvullend aanwijzingsbesluit geregeld dat verwilderde katten niet meer met het geweer mogen worden gedood. Het gebruik van vangkooien en kastvallen is nog wel toegestaan.

Het gebruik van het geweer is toegestaan van een uur voor zonsopgang tot een uur na zonsondergang.

De aanwijzing 2012 en het aanvullende besluit uit 2015 kunt u hieronder downloaden.